Waarom geanimeerde prentenboeken?

wepboek1

Geanimeerde prentenboeken zijn leuk en zorgen ervoor dat peuters spelenderwijs de taalvaardigheid ontwikkelen. Ze leren hierdoor nieuwe woorden. Geanimeerde prentenboeken zijn goed voor de taalontwikkeling. Door het kijken naar geanimeerde prentenboeken, met bewegende beelden en geluid, leren peuters 5 à 6 nieuwe woorden in een half uur. Dat is veel meer dan het gemiddelde van 2 à 3 woorden per dag. Peuters horen nieuwe woorden en begrippen. Deze nieuwe woorden worden in de animaties bewegend gemaakt en ondersteund met het juiste geluid. Daardoor kunnen de peuters de nieuwe woorden en begrippen veel beter onthouden. Bovendien wordt de wereld van het jonge kind verder uitgebreid. Zo zien ze bijvoorbeeld dat er niet één huis is maar dat een ander huis óók een huis heet.

 

De animaties binnen het WePboek worden twee keer achter elkaar vertoond. De eerste keer wordt de animatie als geheel vertoond. De tweede keer wordt de animatie onderbroken door vragen. De vragen tijdens de animaties en binnen de verwerkingssuggesties richten zich op drie niveau’s:

 


1. Woordbetekenis en woordenschatuitbreiding. In de verwerkingssuggesties komen deze aan bod.

2. Vragen die herhalen wat de tekst zelf aanbiedt. Deze vragen worden tijdens de animatie gesteld en richten zich op het begrijpen van het verhaal.

3. Vragen waarbij de peuter aan het logisch denken wordt gezet. Het zijn vragen op taalkundig niveau zoals het benoemen van oorzaak en gevolg en het stellen van vervolgvragen.

 

© 2012 Het Kinderopvangfonds • Powered by Medid